Van Wiechen Continu
De jeugdgezondheidszorg (JGZ) stapt over op Van Wiechen Continu als nieuwe standaard voor het Van Wiechenonderzoek. De Van Wiechenkenmerken en scoring blijven hetzelfde, maar de focus verschuift naar wat een kind op dat moment kan. Zo sluit het ontwikkelingsonderzoek beter aan bij de actuele ontwikkeling van het kind en ondersteunt het het gesprek met ouders, waardoor zorg op maat mogelijk wordt.
Wat is Van Wiechen Continu?
Van Wiechen Continu is een manier van ontwikkelingsonderzoek, dat aansluit bij de huidige ontwikkeling van het kind. Het onderzoek wordt uitgevoerd in samenhang met het gesprek met ouders.
Daarbij gebruikt de professional de inbreng van ouders, eigen observaties en informatie uit eerdere contactmomenten.
Bij het traditionele Van Wiechenonderzoek stond de vraag ‘kan je kind dit al?’ centraal. Bij Van Wiechen Continu is dat ‘wat kan je kind al?’.
De professional bepaalt, op basis van vakmanschap, welke Van Wiechenkenmerken op dat moment passend zijn. De leeftijdsverdelingen (p-waarden) van de kenmerken ondersteunen hierbij.
Waarom Van Wiechen Continu?
Van Wiechen Continu sluit beter aan bij de beleving van ouders, de ontwikkelingsfase van het kind en jeugdgezondheidszorg op maat, zoals beschreven in het Landelijk Professioneel Kader (LPK) Door deze aanpak ontstaat gemakkelijker een betekenisvol gesprek met ouders en kan ondersteuning beter worden afgestemd op wat kind en ouders nodig hebben.
Van pilot naar landelijke standaard
Van Wiechen Continu is ontwikkeld door TNO, met financiële steun van de Van Leer Foundation. In drie opeenvolgende pilots binnen JGZ-organisaties is onderzocht of Van Wiechen Continu toepasbaar is in de praktijk. De pilots lieten zien dat Van Wiechen Continu goed uitvoerbaar is in de JGZ, Van Wiechen-filmpjes geen voorwaarde zijn voor toepassing en dat er een korte gewenningsperiode is, waarna Van Wiechen Continu geen extra tijd kost. Op basis van deze resultaten heeft het NCJ, op advies van de Landelijke Expertisegroep Onderwijs (LEO), in november 2023 besloten dat Van Wiechen Continu de nieuwe landelijke standaard wordt.
Landelijke implementatie
Het NCJ heeft de landelijke implementatie voorbereid met een implementatiewerkgroep met vertegenwoordigers van pilotorganisaties, Van Wiechen-instructeurs (VWI’s), LEO, TNO en de NSPOH.
De voorbereiding bestond uit het informeren van professionals, managers en organisaties, de doorontwikkeling van de TNO-tool, de voorbereiding van aanpassingen in het DD JGZ en het opzetten van scholing voor professionals.
Ook heeft het NCJ geïnvesteerd in het formuleren van ‘in gesprek met ouders’. Meerdere jeugdartsen i.o. hebben deze informatie opgehaald bij collega-jeugdartsen en – verpleegkundigen in het veld.
Randvoorwaarden voor werken met Van Wiechen Continu
Scholing
Alle JGZ-professionals moeten worden geschoold in het werken met Van Wiechen Continu. Het webinar vormt hiervoor een belangrijke basis en wordt geadviseerd als verplicht onderdeel van de scholing.
Van Wiechen-instructeurs worden in 2026-2027 geschoold op de verplichte terugkomdag, waar ze samen de interne scholing opzetten a.d.h.v. een basis die hen aangereikt wordt. Afhankelijk van de ruimte die de organisatie heeft, kan vanaf 2026 gestart worden met de implementatie.
Digitaal Dossier JGZ
Werken volgens Van Wiechen Continu vraagt om aanpassingen in het Digitaal Dossier JGZ.
JGZ-organisaties stemmen dit af met hun leverancier. Totdat deze aanpassingen zijn gerealiseerd, kan gebruik worden gemaakt van de TNO-tool. Deze tool is op dit moment alleen nog beschikbaar voor Van Wiechen-instructeurs. Na interne scholing kunnen de collega’s ook gebruikmaken van de tool.
Bekijk het advies voor de functionaliteiten van het Digitaal Dossier JGZ
Wetenschappelijke onderbouwing
Een wetenschappelijke publicatie van TNO waarin de referentiewaarden (p-waarden) van Van Wiechen Continu worden onderbouwd, wordt verwacht in het eerste kwartaal van 2026.