5. Speelt met handen middenvoor

fijne motoriek, adaptatie, persoonlijkheid en sociaal gedrag

Achtergronden

 

Ontwikkelingsveld

Adaptatie, persoonlijkheid en sociaal gedrag.
Neurologisch aspect

Ontwikkeling van de herkenning van sensorische informatie vanuit het tactiele en visuele systeem en ontwikkeling van de onderlinge samenwerking van het zintuiglijke en het motorische systeem: sensorische integratie (zie hoofdstuk 3). Onder zintuiglijk systeem wordt hier verstaan: de tastzin en de propriocepsis, het diepe gevoel van de spieren en de gewrichten. Door herhaling van de handelingen bij het spelen met de handen middenvoor wordt de samenwerking van beide hersenhelften gestimuleerd. Hierdoor komt de oog/hand­ en de rechter­/linkerhandcoördinatie tot stand. Soms is het samenbrengen van de handen technisch moeilijk of onmogelijk bijvoorbeeld bij een Erbse parese, hemiplegie of bij te korte armen (dwerggroei of andere aangeboren afwijkingen). Blinde kinderen missen de visuele prikkel om met hun handen te gaan spelen.

Psychologisch aspect

Fase in de ontdekking van het eigen lichaam; het kennen van het eigen lichaam is voorwaarde voor het normaal functioneren (Fraiberg, 1993).

   

Onderzoekleeftijd

 

Aanbevolen leeftijd

26 weken (6 maanden).

Spreiding

12 - 26 weken.
   

Onderzoekmethode

 
Uitgangspositie kind

Het kind ligt op zijn rug op de onderzoektafel met zijn hoofd in de middenstand. Vanaf de leeftijd van 3 maanden moet het kind spontaan deze houding kunnen aannemen (zie kenmerken 52 en 53).

Uitvoering onderzoek

Als het kind het hoofd niet spontaan in de middenstand brengt, doet de onderzoeker dit. De onderzoeker raakt het kind daarna niet meer aan.

Observatie

De onderzoeker observeert of het kind de handen middenvoor zijn borst of gelaat bij elkaar brengt en betast.

   

Beoordeling

 
Positief

Het kind brengt de handen in de middellijn samen boven het gelaat of de borst en betast ze. Dit kenmerk mag ook positief worden beoordeeld als het bedoelde gedrag op enig ander moment tijdens het consult door de onderzoeker wordt geobserveerd.

Negatief

Het kind brengt beide handen in de mond
en/of
het kind brengt de handen niet samen in de middellijn boven gelaat of borst.

   

Registratie

+ Bij positieve respons

- Bij negatieve respons

Disciplines Alle disciplines mogen alle onderdelen doen
Informatie over overleg / consultatie 

Indien de DA het kenmerk uitvoert mag bij een negatieve score de JV geconsulteerd worden.

Indien de JV het kenmerk uitvoert moet bij een negatieve score de VS/JA geconsulteerd worden. 

 Overweging

Indien het samenbrengen van de handen om technische redenen niet goed mogelijk is, is het wenselijk de ouders te adviseren toch zoveel  mogelijk het spelen met beide handen middenvoor te stimuleren, bijvoorbeeld door met hulp beide handen bij elkaar te brengen of uitgangshoudingen te zoeken waarin dit wel lukt.

Referenties

Bijlage 8, tabel 5.

Dit kenmerk is ook van belang voor de JGZ-richtlijn Vroeg en/of small voor gestational age (SGA) geboren kinderen.

Let op: Dit is een DIY-video voor ouders om hen te betrekken bij het onderzoek. En dient voor de professionals als audiovisuele ondersteuning bij de beschreven instructie.

Bijkomende instructie voor professionals: Bij dit kenmerk gaat het om het spelen met de eigen handjes middenvoor. Het gaat om de ontwikkeling van sensorische informatie vanuit het tactiele en visuele systeem en ontwikkeling van de onderlinge samenwerking van het zintuiglijke en het motorische systeem, de sensorische integratie.

Deel dit met je netwerk