59. Benen gebogen of trappelen bij verticaal zwaaien

grove motoriek

Achtergronden

 
Ontwikkelingsveld

Grove motoriek.

Neurologisch aspect

Bij dit onderzoek worden reacties van het kind geobserveerd die uitgelokt worden door hem in verticale houding voorachterwaarts en zijwaarts te bewegen. Op de leeftijd van 6 maanden gaat een kind dat in okselhang wordt gehouden trappelen of houdt de benen gebogen. Als de benen gaan strekken of scharen kan dit een eerste signaal zijn van zich ontwikkelende spasticiteit.

   
Onderzoekleeftijd

 

Aanbevolen leeftijd

26 weken (6 maanden).

Spreiding

Dit kenmerk maakt onderdeel uit van het neurologisch onderzoek. Een negatieve bevinding is alarmerend na de leeftijd van 4 tot 5 maanden. Het hanteren van een p90 leeftijd is op dit kenmerk niet van toepassing. In het SMOCK hadden 97 à 99% van de kinderen in deze cohort van consultatiebureaukinderen een positieve score.

   
Onderzoekmethode

 

Uitgangspositie kind

Het kind ligt bloot op zijn buik op de onderzoektafel. Tegen rugligging als uitgangspositie, waardoor het gelaat van het kind naar de onderzoeker is gekeerd, bestaat geen bezwaar.

Uitvoering onderzoek  

De onderzoeker pakt het kind onder de oksels vast met de duimen aan de rugzijde (aan de voorzijde, als het kind vanuit rugligging wordt opgepakt) en tilt het kind op. Hij laat het kind in de ruimte naast de onderzoektafel voorachterwaarts en zijwaarts zwaaien. Bij het optillen boven de onderzoektafel wordt door de korte afstand tussen kind en onderlaag een strekreactie van de benen uitgelokt. Deze moet worden vermeden.

Observatie

Tijdens zwaaien observeert de onderzoeker of de knieën en heupen geflecteerd zijn (de mate van flexie speelt geen rol). Hij observeert of de benen afwisselend gebogen en gestrekt worden of dat de benen gaan strekken of scharen. Als het kind trappelt, beoordeelt de onderzoeker of dit links en rechts evenveel gebeurt.

Bij twijfel moet onderzoek worden herhaald (maximaal twee keer). Juiste uitvoering van het onderzoek is belangrijk. Om te kunnen beoordelen of bij strekken of scharen er mogelijk sprake is van spasticiteit kan de ouder gevraagd worden het kind onder de oksels op te tillen, zodat de onderzoeker de spierspanning van de adductoren van de benen kan beoordelen door de bovenbenen te abduceren. Dit gebeurt door met beide handruggen tegen de binnenkant van de benen te duwen, dus niet door de benen uit elkaar te trekken.

   
Beoordeling

 

Positief

Het kind houdt beide benen gebogen of gaat trappelen. Links en rechts apart registreren.

Negatief

Persistente extensie in heupen en knieën van één been of beide benen

of

persistent scharen van de benen.

   
Registratie

+ Bij positieve respons.

-­ Bij negatieve respons.

Links en rechts afzonderlijk registreren.

Bij een negatieve respons onder ‘opmerkingen’ registreren op grond waarvan de respons negatief werd beoordeeld.

Discipline JV, VS en JA mogen alle onderdelen doen.
Informatie over overleg / consultatie 

Indien de JV het kenmerk uitvoert volgt op een negatieve score altijd overleg met de VS/JA.

Alarmsymptoom

Voortdurend strekken en onbeweeglijk houden of het voortdurend scharen van de benen bij verticaal zwaaien na 5 maanden; op korte termijn consultatie van de VS/JA.

   
Overweging

Persisterend strekken en onbeweeglijk houden of het persisterend scharen van de benen bij verticaal zwaaien is na de leeftijd van 4 tot 5 maanden een alarmerend verschijnsel (Touwen). Dit kan wijzen op spasticiteit.

   
Referenties

Bijlage 8, tabel 59.

Dit kenmerk is ook van belang voor de JGZ-richtlijn Vroeg en/of small voor gestational age (SGA) geboren kinderen.

Let op: Dit is een DIY-video voor ouders om hen te betrekken bij het onderzoek. En dient voor de professionals als audiovisuele ondersteuning bij de beschreven instructie.

Deel dit met je netwerk