Onderwerp

Van Wiechenonderzoek

Het Van Wiechenonderzoek is in Nederland de gouden standaard voor het monitoren van, en begeleiden van ouders bij, de ontwikkeling van het jonge kind (0–4 jaar).

FAQ

Deze FAQ gaat over de vragen die gesteld worden over de Van Wiechen Continu. Mochten er vragen zijn die niet gesteld zijn, stuur deze naar Kirsten Tjapkens via ktjapkes@ncj.nl.

Algemeen

  • Waar kan ik de informatie over van Wiechenonderzoek en van Wiechen Continu vinden?

    De informatie is te vinden op de website van het NCJ.

    Op de website is een FAQ te vinden over het VWO. Deze zal binnenkort vervangen worden door de FAQ Van Wiechen Continu.

  • Wat is het Van Wiechenonderzoek?

    Het Van Wiechenonderzoek wordt uitgevoerd om de ontwikkeling van zuigelingen en peuters op een gestandaardiseerde, genormeerde en uniforme wijze te volgen en te bespreken met ouders. Het onderzoek draagt bij aan het tijdig opsporen van ontwikkelingsproblemen en -stoornissen en het onderbouwen van de noodzaak tot verder onderzoek. Het is van belang dat jeugdprofessionals, die het Van Wiechenonderzoek uitvoeren, over voldoende kennis en vaardigheden beschikken.

    Zie factsheet ontwikkeling 0-4 jaar.

  • Wat is Van Wiechen Continu?

    Van Wiechen Continu is een vernieuwde aanpak binnen het Van Wiechenonderzoek (voor kinderen van 0 tot 4 jaar). Het sluit aan bij de actuele ontwikkelingsfase van het kind en wordt uitgevoerd in nauwe samenhang met het gesprek met de ouders. De professional maakt hierbij gebruik van ouder-inbreng, eigen observaties en informatie uit eerdere momenten van contact.

  • Verschil Van Wiechenonderzoek en Van Wiechen Continu

    Het verschil is de verandering van focus.

    De Van Wiechenkenmerken en scoring blijven hetzelfde, maar de focus verandert:

    – Traditioneel: Standpunt: “Kan je kind dit al?”
    – Van Wiechen Continu: Standpunt: “Wat kan je kind al?”

    Daarnaast bepaalt de professional op basis van vakmanschap en samen met ouders welke kenmerken op dat moment passend zijn om te beoordelen. Zie ook het webinar op de website van het NCJ.

  • Waarom wordt er overgestapt op deze nieuwe methode?

    De jeugdgezondheidszorg (JGZ) stapt over op Van Wiechen Continu als nieuwe standaard voor het Van Wiechenonderzoek, met als streven dit per 1 januari 2028 in te laten gaan. De Van Wiechenkenmerken en scoring blijven hetzelfde, maar de focus verschuift naar wat een kind op dat moment kan. Zo sluit het ontwikkelingsonderzoek beter aan bij de actuele ontwikkeling van het kind en helpt het in de communicatie  met ouders. Dit zorgt voor jeugdgezondheidszorg die nóg beter aansluit bij wat nodig is en bij de momenten van contact Landelijk Professioneel kader (LPK).

  • Welke voordelen biedt Van Wiechen Continu?

    Het Van Wiechen Continu heeft een aantal voordelen:

    – Het sluit beter aan bij de beleving van ouders en de actuele ontwikkelingsfase van het kind.
    – Het vergemakkelijkt een betekenisvol gesprek tussen de JGZ-professional en ouders.
    – Het ondersteunt jeugdgezondheidszorg op maat (zoals omschreven in het Landelijk Professioneel Kader).

  • Wat is het nut van Van Wiechen Continu en doen we dit al niet?

    Het Van Wiechenonderzoek is een essentieel onderdeel van het preventief gezondheidsonderzoek in de JGZ. Het onderzoek is alleen goed uit te voeren met een gedegen kennis van de achtergronden van de ontwikkelingen van het kind en de vaardigheid in het uitvoeren van het onderzoek.

    De basis en de positieve effecten van Van Wiechen Continu zijn grondig onderzocht en wetenschappelijk onderbouwd door TNO.

    Het verschil is de focus van het onderzoek. Het sluit tevens beter aan bij de beleving van ouders en de ontwikkeling van het kind.

    De huidige werkwijze toetst vaste kenmerken op vaste leeftijden (o.b.v. de +/- 90% norm). De Van Wiechen Continu werkwijze werkt met leeftijdspercentielen (P2 t/m P98) per kenmerk. Hierdoor kunnen professionals flexibel doortesten naar makkelijkere en moeilijkere kenmerken, ongeacht de leeftijd of het moment van contact. Hierdoor wordt de kennis en ontwikkeling van de professional gestimuleerd en om vakmanschap uit te oefenen. Het interpreteren van de kenmerken, wat betekent het voor het kind en de ouder in deze fase en ontwikkeling en de omgeving van het kind. Op deze manier ontstaat een betere indruk van de actuele ontwikkeling van een kind.

  • Hoe zie je een ontwikkelingsvoorsprong bij Van Wiechen Continu?

    Bij toepassing van het Van Wiechen Continu en het meer doortesten kunnen kinderen met een ontwikkelingsvoorsprong eerder in beeld komen bij de jeugdgezondheidszorg. Nieuwe inzichten tonen aan dat sommige van deze kinderen extra aandacht en begeleiding nodig hebben om goed tot hun recht te komen. JGZ-professionals hebben aangegeven behoefte te hebben aan praktische handvatten om een ontwikkelingsvoorsprong te herkennen, hierover met ouders in gesprek te gaan en hen gericht advies te geven. Om hen hierbij te ondersteunen, hebben we een brochure gemaakt.

    We moeten leren over de ontwikkelingsvoorsprong. Er is op dit moment geen definitie wat een ontwikkelingsvoorsprong is.

  • Wanneer wordt Van Wiechen Continu de landelijke standaard?

    Het streven is om Van Wiechen Continu per 1 januari 2028 als nieuwe landelijke standaard in te laten gaan.

  • Welke voorbereidingen/randvoorwaarden zijn er nodig voor professionals?

    De JGZ-professionals en JGZ-organisaties moeten een aantal zaken regelen om hiermee te gaan werken, namelijk:

    1. Scholing: Het volgen van het introductie webinar is een geadviseerd verplicht onderdeel. Alle JGZ-professionals moeten geschoold worden volgens een train-de-professional-principe door Van Wiechen-instructeurs.

    2. De VW-instructeurs zijn voor 1 januari 2028 geschoold.

    3. Aanpassingen in het DD JGZ: Het Digitaal Dossier JGZ moet technisch aangepast worden door leveranciers. Zolang dat nog niet klaar is, kunnen geschoolde professionals, naast het DD JGZ, de Van Wiechen Continu-tool gebruiken op de website van TNO. Ook is de tool te printen.

  • Is de methode Van Wiechen Continu wetenschappelijk onderbouwd en getest?

    Ja.

    Er is onderzoek gedaan naar de haalbaarheid en werking van Van Wiechen Continu. De methode is ontwikkeld door TNO en uitvoerig getest in drie opeenvolgende pilots binnen JGZ-organisaties. Hieruit bleek dat de methode goed uitvoerbaar is en na een korte gewenningsperiode geen extra tijd kost. TNO heeft de leeftijdspercentielen wetenschappelijk onderbouwd en de methode en positieve effecten ook wetenschappelijk onderbouwd.

    Zie ook het recent gepubliceerde artikel ‘Van Wiechen Continu: het ontwikkelingsonderzoek in de JGZ 0-4 op elk moment, voor elk kind’ in het Tijdschrift voor Jeugdgezondheidszorg.

  • Wat is het verschil tussen Van Wiechen Continu en ‘doorscoren’?

    Doorscoren is de handeling waarbij een professional bij het afnemen van het Van Wiechenonderzoek niet stopt bij de vaste kenmerken van het betreffende consult, maar doorgaat naar kenmerken op een latere of eerdere leeftijd. Van Wiechen Continu is een nieuwe, methodologische werkwijze waarin doorscoren is ingebed. Het is een interpretatie-instrument.

  • Is er een printversie van het Van Wiechen Cotinu?

    Ja, het voorbeeld van de TNO tool staat achter de inlogpagina van de VWC- instructeurs. Deze zijn beschikbaar als de professional geschoold is. En is te vinden op de website bij ondersteunende materialen onder ‘printversie van nieuwe tool’.

Registratie in DD JGZ

  • Zijn voor Van Wiechen Continu aanpassingen van de BDS nodig?

    De BDS JGZ is de landelijke informatiestandaard voor alle DD JGZ in Nederland.

    Nee, de aanpassingen zijn in de BDS al gedaan. De laatste aanpassingen zijn kenmerk 53 en 68 a, b, c.

    Softwareleveranciers moeten het nu aanpassen in hun eigen software (DD JGZ). De release informatiestandaard JGZ 8.0.0 is te vinden op de website van Nictiz.

  • Wat is het verschil tussen de userstories en de functionaliteit?

    De userstories zijn de wensen en behoeften van de gebruiker (de JGZ-professional). De functionaliteit is de uiteindelijke uitwerking die de softwareleverancier bouwt om zo goed mogelijk aan de userstories te voldoen.

  • Waar kan ik de userstories vinden?

    De userstories van Van Wiechen Continu zijn beschikbaar voor de JGZ organisaties en de softwareleveranciers. Zie verder ook de website van het NCJ.

  • Kan het NCJ niet de opdracht geven om Van Wiechen Continu in te bouwen in het DD JGZ?

    Het NCJ heeft geen opdrachtrelatie met de softwareleveranciers. De JGZ-organisatie is de opdrachtgever voor het inbouwen van onderdelen, zoals de Van Wiechen Continu.

    Het NCJ heeft wel een userstories gemaakt die kan helpen voor de bouw van de verschillende onderdelen.

    De BDS items zijn al opgenomen in de laatste release van de BDS.

  • Welke mogelijkheden zijn er wat betreft het DD JGZ?

    Voor het visualiseren zijn twee mogelijkheden:

    – Het DD JGZ aanpassen zodat je het Van Wiechen Continu kunt registreren. En de juiste kenmerken op de juiste plek kunnen registreren. Zie user stories

    – Een tool inbouwen. Mogelijk naar voorbeeld van TNO.

    Er is een printversie beschikbaar van de TNO tool die je ontvangt na de scholing van VWC. Deze vind je bij ondersteunende materialen.

  • Wat is het verschil tussen de BDS en de TNO tool?

    Visualiseren en registreren

    De BDS JGZ is de landelijke informatiestandaard voor alle DD JGZ in Nederland. Dit is de minimale basisdataset JGZ die voorschrijft wat je minimaal moet registreren en hoe. Het is de ‘achterkant’ van het systeem/DDJGZ.

    De TNO tool is een applicatie die de TNO heeft ontwikkeld ter ondersteuning van Van Wiechen Continu. De tool helpt de professional tijdens het consult door de percentiellijnen (P2–P98) visueel weer te geven en mee te denken in de selectie van kenmerken.
    Het is daarmee een middel om in te schatten (visualiseren), niet perse om te registreren. Het Van Wiechen Continu schema is een tool om te kijken hoe de ontwikkeling gaat en waar het kind staat. Net als het oude VW schema.

    Het Van Wiechen Continu schema met daarbij de userstories die helpen bij de implementatie in het DD JGZ, deze vervangt het huidige schema.

    Zie ook de vraag ‘zijn voor Van Wiechen Continu aanpassingen in de BDS nodig’.

  • Wat kan ik met de tool?

    De tool (het WVC schema) is een middel om te bekijken welke kenmerken je bij dit kind in deze situatie kunt testen en scoren. Om dit te doen heb je niet perse de tool nodig, maar het is een hulpmiddel.

  • Hoe wordt Van Wiechen Continu overgedragen naar een andere JGZ organisatie?

    Het schema wordt niet overgedragen, maar de BDS items wel. Dit is een onderdeel van de informatiestandaard BDS JGZ. Iedere softwareleverancier gebruikt de informatiestandaard BDS JGZ als basis voor het DD JGZ.

  • Hoe leggen we VWC goed uit aan collega’s?

    Per JGZ organisatie zijn er Van Wiechen instructeurs die scholing krijgen over Van Wiechen Continu. Deze instructeurs geven de scholing aan hun collega’s binnen de JGZ organisatie.

  • Wat kan het VWC en de data opleveren?

    Door op deze manier de ontwikkeling van een kind te onderzoeken en te registreren wordt data verzameld waar ook onderzoek mee gedaan kan worden. Op dit moment zijn de beschikbare data van onderzoeken van lang geleden. De P-waarden zijn hierop gebaseerd.

"*" geeft vereiste velden aan

Dit veld is bedoeld voor validatiedoeleinden en moet niet worden gewijzigd.

Welkom op onze nieuwe website!

Heb je een gebruikersaccount? Dan ontvang je van ons een mail om je account opnieuw te activeren.