Volgende kenmerk                                                         Naar overzicht

1. Ogen fixeren

Van Wiechenfilmpje

Dit filmpje kan gebruikt worden om ouders te betrekken bij het onderzoek en dient voor de professionals als audiovisuele ondersteuning bij de beschreven instructie.

In gesprek met ouders

Als je in de ogen van je kind kijkt, kun je zien of je kind gericht naar iets kijkt. Op die manier leer je om met aandacht naar je kind te kijken. Als je kind ongeveer één maand oud is, is het fijn om je kind dicht bij je te houden, omdat je kind dan het beste ziet op de afstand tussen je borst en je gezicht. Je kind ziet dan dingen die een groot contrast hebben, zoals je haargrens en een bril. Naarmate de tijd verstrijkt, zal je kind steeds scherper kunnen zien. Ook zal je kind steeds beter veraf gaan zien. Dit proces kun je niet versnellen. Dat heeft gewoon tijd nodig. De volgende stap is dat je kind dingen met de ogen gaat volgen. Vanaf ongeveer 2 tot 6 maanden kan je kind ook kleuren zien.

Instructie voor professionals
Achtergronden
Ontwikkelingsveld Adaptatie
Neurologisch aspect Fixeren vereist de integriteit van het hele visuele systeem in samenwerking met de oogmotoriek.
Onderzoekleeftijd Referentiewaarden (percentage dat het kenmerk positief scoort)
3 weken 95,8 %
4 weken 96,9 %
5-6 weken 97,8 %
NB: periode week 1 betreft de leeftijd vanaf de geboortedag tot en met dag 6, periode week 2 de leeftijd van dag 7 tot en met dag 13, etc
Onderzoekmethode
Uitgangspositie kind Het kind ligt op zijn rug op de onderzoektafel.
Uitvoering onderzoek De onderzoeker houdt zijn gezicht op een afstand van 20 à­ 30 cm boven de ogen van het kind. De onderzoeker mag niet praten en het kind niet aanraken. Door het gezicht eerst 3 tot 5 tellen stil te houden en vervolgens iets opzij te bewegen kan men vaststellen of het kind gedurende die tijd echt heeft gefixeerd.
Observatie De onderzoeker observeert of het kind fixeert en controleert dit door te letten op instelbewegingen.
Beoordeling
Positief  Het kind reageert op de beweging van het hoofd van de onderzoeker met een instelbeweging van de ogen.
Negatief 
  • Dwalen met de ogen of
  • nystagmus of
  • uitblijven van een instelbeweging van de ogen.
Registratie + Bij positieve respons
-­  Bij negatieve respons: onder ‘opmerkingen’ registreren op grond waarvan de negatieve beoordeling wordt gegeven.
 Discipline Alle disciplines mogen dit kenmerk uitvoeren.
Informatie over overleg / consultatie Indien DA het kenmerk uitvoert mag bij een negatieve score de JV geconsulteerd worden.
Indien JV het kenmerk uitvoert moet bij een negatieve score de VS/JA geconsulteerd worden.
Bij alarmsymptoom op korte termijn consultatie van de VS/JA.
Alarmsymptoom ‘Niet fixeren’ na de leeftijd van 5 weken (Touwen, 1990).

Welkom op onze nieuwe website!

Heb je een gebruikersaccount? Dan ontvang je van ons een mail om je account opnieuw te activeren.