Podcast over preventieve borstvoedingszorg met de JGZ als sleutelrol
Vandaag lanceert Centering Feeding de 'Borstvoedingsbabbel voor Zorgprofessionals': een vernieuwende podcast over preventieve borstvoedingszorg.
Nieuws 26 maart 2025
Een nieuw gepubliceerd artikel over de interrater betrouwbaarheid van de SPARK-methode in Journal of Pediatric Nursing laat zien dat – na Nederland – nu ook in Vlaanderen is aangetoond dat het werken met de SPARK-methode bijdraagt aan de kwaliteit van zorg.

Promovenda Ann Keymeulen heeft in samenwerking met de Nederlandse ontwikkelaars van de SPARK-methode de SPARK36 voor de Vlaamse context ontwikkeld. In samenwerking met het promotieteam – bestaande uit Theo van Achterberg, Marlou de Kroon en Ingrid Staal – test ze de methode nu verder. Onlangs verscheen haar derde internationale publicatie, waarin opnieuw wordt aangetoond dat de SPARK-methode de opvoed- en opgroeisituatie uniform en objectief in kaart brengt. Met andere woorden, verschillen tussen professionals die het gesprek met de SPARK-methode uitvoeren, verkleinen. Wat voor kinderen en ouders betekent dat het gesprek met de SPARK-methode ervoor zorgt dat zij voor uitkomsten niet afhankelijk zijn van wie het gesprek met hen voert.
De aanpak en bevindingen zijn te lezen in het artikel:
De bevindingen in deze studie zijn in lijn met eerdere bevindingen. Zie de in 2012 en 2013 gepubliceerde artikelen waarin het onderzoek naar de interrater betrouwbaarheid van de SPARK-methode in Nederland wordt beschreven:
De SPARK-methode en aanverwante interventies zoals Balansmeter en Zorgpad met e-consulten zijn in beheer bij het NCJ. Meer informatie over de SPARK-methode en het onderzoek in Vlaanderen is hier te lezen.
"*" geeft vereiste velden aan
Vandaag lanceert Centering Feeding de 'Borstvoedingsbabbel voor Zorgprofessionals': een vernieuwende podcast over preventieve borstvoedingszorg.
Naar aanleiding van de evaluaties is de e-learning aangepast.
Het NCJ peilde voor de vijfde keer onder professionals of zij de signalen van geldzorgen bij jeugdigen en/of hun ouders/opvoeders herkennen en hun mogelijkheden om iets met deze signalen te doen.