Nieuwsbericht

Contactpersoon:
Natascha Hensen adviseur
Telefoon: 06 - 53 97 56 39
E-mail: nhensen@ncj.nl

Doen wat werkt! Stevig Ouderschap

donderdag 31 mei 2018

In ‘Doen wat werkt’ worden verschillende JGZ-interventies, -methodieken of -instrumenten gedeeld. Deze maand vertelt Merian Bouwmeester (bestuurssecretaris van Vereniging Stevig Ouderschap) over de methode Stevig Ouderschap.

Over Stevig Ouderschap

Stevig Ouderschap is bedoeld voor gezinnen die een minder makkelijke start (gaan) maken met hun kind. Dat kan te maken hebben met persoonlijke omstandigheden van ouders, hun jeugdervaringen of hun huidige gezinssituatie waarin ze bijvoorbeeld op weinig steun van hun omgeving kunnen rekenen. Onder dergelijke omstandigheden, die d.m.v. een vragenlijst in beeld worden gebracht, hebben gezinnen recht op een extra steuntje in de rug.

Die steun bestaat uit huisbezoeken door een speciaal opgeleide jeugdverpleegkundige. Door te luisteren, mee te denken en ouders te coachen helpt zij de ouders om hun zelfvertrouwen en zelfredzaamheid te vergroten en hun sociale netwerk te versterken. De huisbezoeken kunnen al prenataal gestart worden vanaf c.a. 16 weken zwangerschap en lopen door tot het kind ongeveer twee jaar is. Gemiddeld worden ongeveer vier prenatale en zes postnatale huisbezoeken afgelegd. De planning hiervan wordt afgestemd op de individuele behoefte van het gezin.

Stevig Ouderschap  gaat uit van eigen kracht, eigen behoeften en eigen invulling en richt zich op het verstevigen van het gezonde opgroeien en opvoeden en het normaliseren van problemen, waardoor het risico op ernstige opvoedproblemen en kindermishandeling verkleint.

Bekijk de infographic van Stevig Ouderschap >

Gebruikersoordeel over Stevig Ouderschap

Ouders die besluiten om deel te nemen aan de huisbezoeken zijn in hoge mate tevreden over deze methode. Uit een evaluatie onder ruim 300 ouders blijkt dat 90% de bezoeken ‘zeker’ of ‘tamelijk’ zinvol noemt. Gemiddeld krijgen de huisbezoeken een 8,2; desgevraagd zeggen 72% van de ouders zich zekerder te voelen als ouder, 66% heeft meer zelfvertrouwen gekregen en 64% is hun kind beter gaan begrijpen. De vertrouwensband die wordt aangegaan met de bezoekende jeugdverpleegkundige is van belang voor het effect van de bezoeken; ouders waarderen deze met een 8,5. Eén van de bezochte moeders zei: “Ik vind het heel fijn om serieus genomen te worden en een vertrouwensband te krijgen. Ik voelde me zeer veilig bij deze gesprekken.” In een dergelijke relatie kan de ouder tot meer inzicht komen: “Door Stevig Ouderschap heb ik mijzelf regelmatig onder de loep genomen. Door de zelfreflectie-vragen van de verpleegkundige heb ik meer inzicht in mijn eigen handelen en denken gekregen.”

Bekijk wat ouders zeggen over Stevig Ouderschap >

Jeugdverpleegkundigen over Stevig Ouderschap

Stevig Ouderschap is ontwikkeld voor de Nederlandse JGZ-praktijk, rekening houdend met de zorg zoals die vanuit het consultatiebureau wordt verleend. De vormgeving van de huisbezoeken vond plaats in nauw overleg met uitvoerenden met pedagogische uitgangspunten als basis. JGZ-verpleegkundigen werken dan ook unaniem graag met deze methode. Het geeft hen de ruimte om die ondersteuning te bieden die ze in een aantal gezinnen graag zouden willen kunnen bieden, maar waarvoor op het consultatiebureau onvoldoende tijd is. Sinds de selectievragenlijst in 2013 herschreven werd in samenwerking met Ouders Online heeft de JGZ ook de ervaring dat zij deze meer ontspannen kunnen bespreken met ouders.

Een onderzoek onder bijna 30 consultatiebureaus naar de ervaring met de methode laat zien dat niet alleen de jeugdverpleegkundigen die de huisbezoeken uitvoeren tevreden zijn over deze methode: 98% van alle jeugdverpleegkundigen ziet Stevig Ouderschap als een waardevolle aanvulling op het JGZ-aanbod.

Studies naar Stevig Ouderschap

Stevig Ouderschap werd tussen 2001 en 2005 onderzocht in een grote Randomized Controlled Trial onder 500 gezinnen. Hieruit bleek op de kinderleeftijd van twee jaar dat het risico op opvoedingsproblematiek significant is afgenomen in 22% van de bezochte gezinnen tegen slechts 8% van de vergelijkingsgroep. Ouders die huisbezoeken kregen, rapporteren een betere psychosociale ontwikkeling van hun kind. Deze is vergelijkbaar met de ontwikkeling van kinderen in een controlegroep van gezinnen die niet in aanmerking kwamen voor bezoek – we kunnen dus stellen dat de ontwikkeling van kinderen in bezochte gezinnen genormaliseerd is. Ook vijf jaar na afloop van de huisbezoeken geven bezochte ouders nog altijd aan zich beter toegerust te voelen voor hun ouderlijke taken; zij voelen zich steviger ouders. In 2017 is Stevig Ouderschap opnieuw opgenomen in de Databank van Effectieve Interventies met de erkenning ‘effectief volgens eerste aanwijzingen’.

De vragenlijst die wordt gebruikt om de gezinnen te vinden die in aanmerking komen voor de huisbezoeken Stevig Ouderschap blijkt een behoorlijke predictieve validiteit te hebben (AUC-waarde van 0,72) als het gaat om meldingen van kindermishandeling bij Veilig Thuis gemiddeld 2,5 jaar na de geboorte van een kind. Dit is onlangs gepubliceerd in het Nederlands Tijdschrift Jeugdgezondheidszorg en afgelopen jaar in het internationale tijdschrift Child Abuse and Neglect (CAN). De reactie van één van de reviewers van CAN bij het indienen van het artikel luidde: “This study makes an important contribution to the field because it is a step toward better ability to predict an indicator of child maltreatment risk early in life.”

Doorontwikkeling Stevig Ouderschap

De afgelopen jaren is geïnvesteerd in de selectievragenlijst die in de methode gebruikt wordt. Inhoudelijk is de formulering van de vragenlijst ouder-vriendelijker gemaakt in samenwerking met een relevante vertegenwoordiging van ouders (Ouders Online). Wetenschappelijk is de predictieve validiteit van het instrument inzichtelijk gemaakt. Momenteel wordt verkend of dit onderzoek herhaald kan worden met data over Veilig Thuis meldingen over een langere periode.

Verder zijn er plannen om concreet onderzoek te doen naar verschillende werkzame elementen van de interventie zoals deze in diverse meta-studies zijn aangetoond. Door te investeren in de deskundigheid van de jeugdverpleegkundigen specifiek in het uitvoeren van deze werkzame elementen kan vanuit de praktijk zichtbaar worden gemaakt wat het effect hiervan is in vergelijking met de huidige uitvoering van de interventie. Zo kan de interventie mogelijk worden verbeterd op basis van empirische uitkomsten en blijft de evidence based status van de methode gewaarborgd.

Bijdragen?

Vanaf april 2018 staat de rubriek 'Doen wat werkt' vast in onze maandelijke NCJ nieuwsbrief. Deze rubriek laat je kennismaken met diverse, goed onderzochte interventies, methodieken of instrumenten voor de JGZ. Tip onze redactie door jouw interventie, methodiek of instrument te mailen naar Natascha Hensen via nhensen@ncj.nl.

Criteria:

  • Het betreft een erkende interventie of methodiek;
  • De interventie, methodiek of het instrument is onderzocht;
  • Het wordt uitgevoerd door de JGZ;
  • Het is mogelijk de interventie, methodiek of het instrument landelijk uit te rollen.

Bekijk ook: