Blog 9 september 2026

Je gaat het pas zien als je het doorhebt: werkende ouders zijn het winnende lot voor ons nationale verdienvermogen

Voor zo’n 2,5 miljoen Nederlanders begint elke ochtend een race tegen de klok: gehaast de kinderen aankleden, yoghurt morsen op een gestreken overhemd en filerijden naar de opvang of school, om vervolgens nipt op tijd te zijn voor de eerste vergadering. In het debat over stagnerende arbeidsproductiviteit en krapte op de arbeidsmarkt zoeken economen en politici ijverig naar oplossingen. Men kijkt naar kunstmatige intelligentie, innovatiesubsidies en robotisering. Het echte winnende lot voor ons nationale verdienvermogen ligt echter voor het oprapen: de vitaliteit van werkende ouders. Veerkrachtig ouderschap is de meest ondergewaardeerde productiefactor van de Nederlandse economie. Zolang de overheid en het bedrijfsleven dit blijven behandelen als een particuliere hobby of een kostenpost in plaats van een essentieel onderdeel van menselijk kapitaal, laten we miljarden aan economische waarde liggen.

 

De realiteit op de werkvloer laat zien hoe groot het potentieel is, maar ook hoe hard we het momenteel verkwanselen. Ouderschap is in onze samenleving steeds meer een individueel project geworden: een eigen keuze waarvan je de gevolgen ook zelf moet dragen. In combinatie met toenemende maatschappelijke verwachtingen en voorgeschreven perfectionisme zorgt dit voor een hoge mentale druk. Werk is voor veel ouders noodzakelijk om de stijgende kosten van levensonderhoud en wonen te dekken. Hoewel de zorg- en werkverdeling in een gezin gelijkwaardiger wordt, dragen moeders nog steeds het grootste deel van de organisatorische gezinslast. Bovendien daalt hun inkomen tot zes jaar na de geboorte van het eerste kind met zo’n 35 procent, terwijl dat van vaders gelijk blijft. Deze ‘babyboete’ komt vooral doordat bijna de helft van de moeders minder is gaan werken. Drempels zoals het afgetopte geboorteverlof zorgen er bovendien voor dat vaders met name in de laagste en hoogste inkomensgroepen dit verlof laten liggen, wat de traditionele rolpatronen versterkt en de druk ongelijk verdeelt tussen de partners.

Ouders onder hoogspanning

Deze aanhoudende combinatiestress leidt tot grote fysieke en mentale uitputting. Hoewel het percentage ernstige parental burn-out in Nederland met 2 tot 3 procent relatief laag lijkt vergeleken met 9 procent in sommige andere landen, ervaart volgens de Staat van Gezinnen 2026 maar liefst 46 procent van de ouders chronische stress. Dit sluit nauw aan bij onderzoek van Lemmen en Luijk, waaruit blijkt dat 39 procent van de ouders minstens één keer per maand ernstige burn-outklachten ervaart.

De kosten van burn-out

Wanneer een ouder definitief omvalt, is de schade op individueel én macroniveau schrikbarend direct. ArboNed schat dat de uitval wegens stress gemiddeld 252 dagen duurt, wat neerkomt op directe kosten van boven de 100.000 euro per geval. Maar lang voordat een ouder zich ziek meldt, eist chronische vermoeidheid haar tol. Ouders zijn weliswaar present op het werk, maar door mentale moeheid verliezen ze effectieve arbeidscapaciteit. Dit leidt tot meer fouten, tragere besluitvorming en verlies aan innovatiekracht.

Op macroniveau zijn de gevolgen voor de schatkist gigantisch. De Arbobalans van TNO becijfert de totale verzuimkosten door psychische overbelasting op € 4,9 miljard per jaar onder 9,7 miljoen werkenden. In Nederland zijn er ruim 2,6 miljoen gezinnen met thuiswonende kinderen, bestaande uit ongeveer 4 miljoen werkende ouders. Een uitval van 2 procent per jaar wegens parental burn-out zou dus alleen onder ouders al 8 miljard euro kosten. Dat de TNO-Arbobalans de landelijke verzuimkosten op ‘slechts’ 4,9 miljard schat, toont dat de huidige modellen louter directe loonkosten meten en de werkelijke schade in gezinnen negeren. Deze berekening houdt geen rekening met zowel de indirecte kosten die gepaard gaan met uitval, als het productiviteitsverlies van vooral moeders die minder zijn gaan werken of er helemaal mee zijn gestopt. Zonder deze opoffering van moeders zou de uitval wegens stress vermoedelijk bij beide ouders exploderen.

It takes a village

Het is hoog tijd dat er een nationale strategie komt. Door de psychische druk op ouders te verminderen en de combinatie van werk en privé beter houdbaar te maken, kunnen we overbelasting voorkomen en het risico op uitval verkleinen. Het spreekwoord “It takes a village to raise a child” leert dat een sterke gemeenschap nodig is voor het bouwen aan welvaart en welzijn. De overheid en de politiek kunnen het verschil maken en het productiviteitspotentieel van werkende ouders daadwerkelijk benutten door te kiezen voor stelselveranderende maatregelen.

Stelselveranderende maatregelen

Maak ouderschap ten eerste een hoofdthema van de Productiviteitsraad. Zo kan zij direct adviseren over structurele productiviteitsgroei. Vorm daarnaast het huidige eenmalige Gemeenschapsfonds om tot een structureel Nationaal Gemeenschapsfonds, waarin overheid en bedrijfsleven jaarlijks wettelijk verplicht 0,03% van het bbp storten om een maatschappelijke infrastructuur, ‘the village’ op te bouwen, waarin buffers voor het ouderschap komen, zoals bonusgrootouders, ankerouders en buurtsteunpunten. Behandel ten derde de kinderopvang en de logistieke aansluiting van het onderwijs als essentiële nationale infrastructuur, waardoor er een einde komt aan ad-hocsluitingen en sluitingstijden die haaks staan op de werkdag. Stroomlijn tot slot het versnipperde verlofwoud tot één overzichtelijk, flexibel en volledig doorbetaald ‘Tropenjarenbudget’, waarmee de financiële drempels voor vaders verdwijnen, moeders weer of meer kunnen gaan werken en zo een gelijkwaardige zorgverdeling de norm wordt.

Investeer in ouderschap

Vitale ouders zijn geen kostenpost op de Rijksbegroting, maar een hoogrendementsinvestering. Wanneer we de spitsuurgeneratie de ruimte en rust geven om te floreren, stijgt de inzetbaarheid, neemt het dure ziekteverzuim af en komt er enorm veel innovatiekracht vrij. Het wordt tijd dat de overheid, politiek en bedrijfsleven dit inzien: investeren in de belastbaarheid van ouders is de snelste en slimste weg naar duurzame groei van onze brede welvaart.

Dit artikel is in aangepaste vorm verschenen in  Het Financieele Dagblad

 

Igor Ivakic

Igor Ivakic

directeur-bestuurder

Over Igor Ivakic

Igor is directeur-bestuurder van het NCJ. Zijn missie is dat ieder kind in Nederland gezond en veilig kan opgroeien. Hij wil samen met de JGZ-sector laten zien dat je maatschappelijke epidemieën, zoals kindermishandeling, schoolverzuim en armoede, beter beheersbaar kunt maken door stevige inzet op preventie.

Igor heeft een achtergrond als maatschappelijk werker en socioloog. Hij werkte onder andere bij de rijksoverheid als management consultant en bij diverse maatschappelijk organisaties zoals Stichting Lezen & Schrijven en VluchtelingenWerk Nederland. Ook vervult Igor verschillende bestuursfuncties in de sociaal-maatschappelijke sector.

Door binnen de JGZ de krachten te bundelen, wil hij meer impact creëren. Zijn focus ligt dan ook op het maken van verbindingen binnen de JGZ, maar ook tussen de JGZ en alle partijen daaromheen.

Lees meer over Igor Ivakic E-mailen Bellen Ga naar LinkedIn

Welkom op onze nieuwe website!

Heb je een gebruikersaccount? Dan ontvang je van ons een mail om je account opnieuw te activeren.