Met een brede glimlach en met veel bewondering heb ik gekeken naar de NPO-serie De verloskundigen. Wat een feestje om zo’n eerlijk en intiem inkijkje te krijgen in het werk van deze professionals. We maken in de serie kennis met acht bevlogen verloskundigen. Allemaal totaal verschillend en allemaal met hun eigen werkwijze en populatie. Maar één ding hebben zij overduidelijk met elkaar gemeen: dagelijks zetten zij zich met hart en ziel in om (aanstaande) ouders de allerbeste zorg en ondersteuning te geven. Wat mij tijdens het kijken het meest heeft verwonderd, is hoe zij medische expertise naadloos combineren met menselijke nabijheid. Maar, de serie laat ook een keerzijde zien. Het werk lijkt nooit op te houden en soms vraag ik me af: waar is de keten?

Verloskundige zijn is zoveel meer
‘Mama gaat vandaag een baby uit de buik halen’ is wat ik verschillende verloskundigen in de serie tegen hun eigen kinderen heb horen zeggen bij het weggaan. En sec gezien, is dat wat het is. Verloskundigen begeleiden ouders voor, tijdens, en na de bevalling. Maar deze serie laat zien dat het zoveel meer is dan dat. De verloskundige luistert. Signaleert. Stelt soms spannende of onverwachte vragen. Biedt geruststelling. Herkent angst. Geeft informatie. Bouwt vertrouwen op. En leert in korte tijd niet alleen de zwangere, maar vaak het hele gezin kennen.
Zo zien we verloskundigen die er op de bepalende momenten écht zijn. De één schuift haar tablet resoluut opzij, vergeet het afvinklijstje en kijkt de kersverse ouders met volle aandacht aan om oprecht te vragen hoe het gaat. Een ander stelt met onbevooroordeelde nieuwsgierigheid de vraag waar het geschoren haar van de baby is gebleven, wat de moeder de ruimte geeft om vol trots te vertellen over haar culturele tradities. Diezelfde rust zie ik wanneer er kort na een thuisbevalling twijfel is over de ademhaling van de baby. Er wordt heel adequaat een ambulance gebeld, maar intussen blijft alle aandacht bij de moeder. Zelfs met een kamer vol ambulancepersoneel weet de verloskundige haar zó gerust te stellen dat ze er later zonder angst op terugkijkt. En ik zie hoe prachtig er wordt ingespeeld op emoties: bij spanning niet meteen een vragenvuur afsteken, maar gewoon eerst even naar de echo kijken, waarna de ouder merkbaar ontspant. Tot slot zie ik hoe makkelijk vragen over anticonceptie worden meegenomen als een van de normaalste zaken van de wereld. Gewoon als standaardvraag, waardoor het gesprek over vruchtbaarheid en een volgende zwangerschap heel natuurlijk verloopt.
Van verbinding en vertrouwen naar signaleren
Alle acht verloskundigen hebben hun eigen werkwijze en doelgroep, maar steeds zie ik hetzelfde terugkomen: professionele nabijheid. Niet alleen weten wat je als verloskundige moet doen, maar ook aanvoelen wat iemand op dat moment nodig heeft. En dat werkt! Want zodra mensen zich gezien en veilig voelen, ontstaat er ruimte om te vertellen wat er speelt en om zorgen te delen die anders misschien onbesproken blijven. Juist daar kan de verloskundige signaleren dat er extra ondersteuning nodig is. Vanuit de verloskundige zelf, of vanuit een samenwerkingspartner uit het informele domein, het sociaal domein en/of de jeugdgezondheidszorg.
De keerzijde van het vak
Helaas laat de serie ook de keerzijde van het vak zien. Het werk van de verloskundige lijkt nooit op te houden. Het is totaal verweven met hun privéleven, omdat er op elk moment een baby geboren kan worden en ze daardoor op elk moment paraat moeten staan om de beste zorg te kunnen leveren. Soms leveren ze die zorg op minimale slaap, terwijl ze tegelijkertijd een enorme verantwoordelijkheid dragen. Ik vraag me af hoe houdbaar dat is. Niet alleen voor de verloskundige zelf, maar ook voor het vak als geheel. Want hoeveel verantwoordelijkheid kun je dragen als je voortdurend ‘aan’ moet staan?
Waar is de keten?
Ook krijg ik op sommige momenten de indruk dat deze verloskundigen veel zorgen en verantwoordelijkheden alleen dragen. Zo houden de twee verloskundigen uit Heerlen niet alleen hun spreekuren en bevallingen draaiende. Ze rijden ook rond om babyspullen te verzamelen, zoeken woningen voor cliënten en bouwen aan een babycafé onder hun praktijk. Het is ontzettend bewonderenswaardig, maar ik vraag mij ook af: waar is de keten? Waarom lijkt er in deze situaties zoveel verantwoordelijkheid bij de verloskundige terecht te komen? Zijn er geen samenwerkingspartners waar zij hun aanstaande moeders naar kunnen verwijzen? Zijn zij niet op de hoogte van de rol die de jeugdgezondheidszorg zou kunnen bieden, ook voor de geboorte? Kunnen zij geen gebruik maken van lokale initiatieven die aanstaande zwangeren ondersteunen met babyspullen of ontmoetingen zoals de Sjpruut Sjop en het Sjpruut café? Een initiatief vanuit de gemeente Heerlen waarvan ik toevallig weet dat zij fantastische dingen doen. Het zijn vragen die bij mij opkomen, maar waar ik natuurlijk geen stellig antwoord op kan formuleren. We zien in de serie immers maar een klein stukje van de werkelijke realiteit.
Korte lijnen zorgen voor samenwerking
Ook bij de andere verloskundigen zie ik mooie kansen voor samenwerking. De lijntjes met de tweede lijn lijken kort en zeer toegankelijk. De telefoon wordt gepakt en een ouder kan vaak in urgente situaties nog diezelfde dag terecht. Hoe mooi zou het zijn als diezelfde korte lijnen er ook met andere ketenpartners zouden zijn? Even bellen, even overleggen en in gezamenlijkheid de zorg dragen voor het gezin. Zodat bijvoorbeeld het laatste bezoek aan het kersverse gezin van de verloskundige geen lastig afscheid wordt, maar een warme overdracht. Met de boodschap: ‘ik weet wie jullie hierna gaat zien en jullie zijn in goede handen’. Of sterker nog, dat de jeugdgezondheidszorg al tijdens de zwangerschap betrokken was en dat zij de stabiele zorgverlener blijven in het leven van dit gezin. Op veel plekken heeft deze samenwerking al heel mooi vorm gekregen en wellicht ook bij de verloskundigen in deze serie, maar we weten helaas ook dat hier nog een wereld te winnen is.
Een kansrijke start begint bij verbinding
Wat blijft hangen na tien afleveringen? Diep respect voor deze beroepsgroep. Zij staan aan de start van een nieuw leven. Zij komen misschien wel dichter bij gezinnen dan welke professional ook en krijgen daarmee de kans om verschil te maken. Ze bevinden zich in de positie om het gezin te leren kennen, om spannende vragen te stellen en om vanuit daar de hulp en ondersteuning te kunnen bieden die nodig is. Zelf, maar ik gun hen ook om dit in samenwerking met alle andere partners in de keten te doen. Om samen te zorgen voor een kansrijke start.
—
Nieuwsgierig? Bekijk de serie op NPO Start.