31. Maakt geluiden terug

communicatie

Achtergronden

 

Ontwikkelingsveld

Communicatie en sociaal gedrag.
Neurologisch aspect

Op gang komen van de taal­ en spraakontwikkeling. Het is zeer waarschijnlijk dat het eerste vocaliseren van het kind vooral door de visuele stimulus van het gezicht van de pratende volwassene op gang komt. Immers bij gehoorgestoorde kinderen begint deze vocalisatieperiode zonder noemenswaardige vertraging terwijl hun auditieve feed­back gestoord is. Blinde kinderen daarentegen, die de visuele feed­back missen, beginnen later te vocaliseren (Schaerlaekens & Gillis, 1987). Ten onrechte wordt nog wel aangenomen dat het vocaliseren van een zuigeling als respons op toespreken van de ouder een bewijs is dat het kind niet gehoorgestoord is.

Psychologisch aspect

Door het afwisselend vocaliseren van het kind en het praten van de ouder, leert het kind het beurtkarakter van communicatie. Dit beurtkarakter is in quasi dialogen of protoconversaties waar te nemen en is een belangrijke stap in de communicatieve ontwikkeling (Snow, 1977).

   
Onderzoekleeftijd

 

Aanbevolen leeftijd

13 weken (3 maanden).

Spreiding

7 – 15 weken (1,5 - 3 maanden).

   
Onderzoekmethode

 

Uitgangspositie kind

Het kind ligt op zijn rug op de onderzoektafel of in de armen van de ouder (op schoot).

Uitvoering onderzoek

De onderzoeker beweegt zijn gelaat in het gezichtsveld van het kind en praat en lacht tegen het kind. Hij mag het kind niet op andere wijze stimuleren, bijvoorbeeld door het aan te raken.
De onderzoeker hoeft het onderzoek niet zelf uit te voeren als hij het responsieve vocaliseren reeds tijdens het consult heeft waargenomen wanneer de ouder praat en lacht tegen het kind zonder hem anderszins te stimuleren.

Observatie

De onderzoeker observeert of het kind ‘in antwoord’ begint te vocaliseren.

Anamnese

Indien het niet lukt het gewenste gedrag bij het kind te observeren (b.v. doordat het moe is of huilt), vraagt de onderzoeker aan de ouder: “Maakt ... geluidjes, wanneer u tegen hem praat?”

   
Beoordeling

 

Positief

Het kind produceert geluid als reactie op het toespreken door de onderzoeker

of

de onderzoeker heeft de gewenste respons geobserveerd in de interactie tussen ouder en kind.

Negatief

Het kind produceert in het geheel geen geluid

of

het kind produceert uitsluitend spontane geluiden (dus niet als reactie op toespreken)

en

de ouder beantwoordt bovenstaande vraag ontkennend.

   
Registratie

+ Bij geobserveerde positieve respons

M Bij anamnestisch positieve respons.

-­ Bij negatieve respons.

 Discipline Alle disciplines mogen alle onderdelen doen.
Informatie over overleg / consultatie 

Indien de DA het kenmerk uitvoert mag bij een negatieve score de JV geconsulteerd worden.

Indien de JV het kenmerk uitvoert moet bij een negatieve score de VS/JA geconsulteerd worden.

Advies Adviseer ouders om tegen hun kind te praten en te lachen, waarbij het gezicht van de ouder voor het kind duidelijk zichtbaar is. Ga daarbij in op de interactie (hechting). 
Alarmsymptoom Geen of onvoldoende reactie op geluid; op korte termijn consultatie van de VS/JA.
   
Overweging

Geen of onvoldoende reactie op geluid is op elke leeftijd alarmerend (Touwen, 1990).

 

Referenties Bijlage 8, tabel 31.

Dit kenmerk is ook van belang voor de concept richtlijn Vroegtijdige opsporing gehoorstoornissen 0-18 jaar en de JGZ-richtlijn Vroeg en/of small voor gestational age (SGA) geboren kinderen.

Let op: Dit is een DIY-video voor ouders om hen te betrekken bij het onderzoek. En dient voor de professionals als audiovisuele ondersteuning bij de beschreven instructie.

Bijkomende instructie voor professionals: We horen hier het kind geluid maken als reactie op het toespreken door de onderzoeker. Hier is het beurtkarakter van de communicatie te horen. Zou het kind uitsluitend spontane geluiden maken, dus niet als reactie op toespreken, dan hadden we hier een ‘min’ gescoord.

Deel dit met je netwerk